Krachtige basiszorg in Amsterdam

Johan Berendse werkt als huisarts in Amsterdam. Sinds kort passen Johan en zijn collega’s ‘Krachtige basiszorg’ toe in hun praktijk. Deze methodiek werd in de Utrechtse wijk Overvecht ontwikkeld. Vanwege het succes besloten Zilveren Kruis en CZ deze methodiek ook in andere achterstandswijken in te zetten.

Krachtige basiszorg is een integrale wijkaanpak waarbij breder wordt gekeken naar klachten. Met behulp van het 4D-model is er aandacht voor het lichamelijk, geestelijk, sociaal en maatschappelijk welzijn van patiënten. Bovendien krijgt de huisarts meer tijd voor de patiënt. Johan vertelt hoe hij de implementatie van krachtige basiszorg ervaart.  

Onverklaarbare klachten

‘‘Een aantal mensen op mijn spreekuur is wat moeilijker te vatten. Stel je voor: iemand komt 20 keer in een half jaar bij me op het spreekuur. Iedere keer met andere klachten. Uiteindelijk blijkt dat ze een alcoholische partner heeft die het alleen goed vindt dat ze weggaat als ze naar een verplicht bezoek moet. Zoals een dokter of de gemeente. Als je haar wat meer tijd kunt geven, begrijp je waarschijnlijk veel eerder wat er aan de hand is en kun je ook veel eerder helpen. Want die vrouw is natuurlijk niet ziek, maar eenzaam en verdrietig. Met wat meer tijd voor zulke patiënten, kun je voorkomen dat ze als ziek worden bestempeld.’’

Meer tevredenheid

Krachtige basiszorg voorkomt niet alleen medicalisering, het zorgt er ook voor dat mensen zich beter geholpen voelen. ‘‘Voorheen waren zij weleens ontevreden. Ze werden niet geholpen met hun klachten. Wij konden geen ziekte achterhalen, maar mensen hebben wel klachten. Nu hebben we daar een SOLK (somatisch onverklaarbare lichamelijke klachten)-team voor. Vanuit dat team wordt breder gekeken hoe we zo iemand kunnen begeleiden.’’

Voor verschillende aandoeningen een miniteam

Johan vertelt dat zijn praktijk is onderverdeeld in kleine teams. ‘‘Wij gebruiken de middelen van krachtige basiszorg ook om de praktijk iets anders te organiseren. We hebben nu miniteams, bestaande uit een huisarts, praktijkondersteuner en assistente. Samen buigen zij zich over een specifieke doelgroep. Ieder team heeft zijn eigen netwerk en overlegstructuur. Zo houden we het klein en eenvoudig.’’ Ze hebben teams voor diabeten, kwetsbare ouderen, kwetsbare kinderen en patiënten met somatisch onverklaarbare lichamelijke klachten. ‘‘Door klachten te bundelen, krijgen we er meer expertise in.’’

Altijd de juiste kennis in huis

Johan illustreert deze werkwijze aan de hand van een voorbeeld. ‘‘Als een oudere op vrijdagmiddag nog in een tijdelijk bed geplaatst moet worden, moest je vroeger iedere keer opnieuw het wiel uitvinden. Nu is er altijd iemand uit het team kwetsbare ouderen aanwezig in de praktijk en die weet gewoon de weg. We hebben een protocol gemaakt en diegene voert dat gewoon uit. De frustratie die veel huisartsen hebben over 'goh, nu moet er weer iemand met spoed geplaatst worden', die heb ik niet, want we hebben de wegen gewoon goed in kaart gebracht.’’

Nauwere samenwerking

Ook werkt de huisarts nauwer samen met sociaal werkers. ‘‘Daar hebben we nu mee afgesproken dat we een warme overdracht doen. Ik lever een patiënt bijvoorbeeld persoonlijk af bij de maatschappelijk werker die bij mij in het pand zit. Zo verdwijnen mensen niet. Soms was het bijvoorbeeld zo dat mensen met schulden zich schaamden. Dan verwezen wij hen naar de maatschappelijk werker, maar daar kwamen ze nooit aan. Nu nemen we ze bij de hand en helpen we ze persoonlijk letterlijk en figuurlijk de drempel over.’’

Werkplezier neemt toe

Krachtige basiszorg zorgt ook voor meer plezier op het werk. ‘‘Voor mij is het heel onbevredigend als ik iemand weg moet sturen die niet ziek is, maar wel klachten heeft. Daarvoor komen mensen niet bij je. Dus is het leuker om het te doen op deze manier. En ik denk dat patiënten er ook wel wat aan hebben als ik mijn praktijk beter op orde heb.’’ Dit geldt ook voor de assistenten. ‘‘Voorheen bestond de triage uit spoed/niet-spoed. Ze hadden tien-minuten-mogelijkheden en dat was het. Nu kunnen ze naar eigen inzicht bijvoorbeeld 20 minuten inplannen als zij denken dat er misschien iets geks aan de hand is. Dus dat is ook voor de assistenten leuk.’’

Veel overleg

Het vele overleggen vindt Johan een nadeel. ‘‘We worden overlopen met allerlei samenwerkingsverbanden. Ik denk dat ik gemiddeld één zo'n bijeenkomst per week heb. Ik snap dat het nodig is, maar ik vind het soms wel vervelend. Eigenlijk moet ik het niet erg vinden, want ik krijg de middelen om het te doen. Ik moet mijn patiënten in die tijd alleen wel aan iemand anders uitbesteden. We hebben huisartsen extra in dienst genomen om dat werk te doen, maar daarmee mis ik wel wat van mijn patiëntencontacten. Dat vind ik jammer.’’

Tip: sluit aan bij lokale behoefte

‘‘Wat volgens mij het belangrijkste is, is dat je niet het protocol van Overvecht of van ons overneemt. Kijk naar wat wordt gevraagd in jouw praktijk en naar wat past bij jouw organisatie.’’

Contactgegevens

Wil je in contact komen met de initiatiefnemer? Klik dan hier.

Waar: Amsterdam

Betrokken organisaties:

  • Zilveren Kruis
  • CZ

Meer informatie

Skipr artikel: Huisartsen in achterstandswijken krijgen extra geld