Huisartsen en specialisten samen in één woonzorgcomplex

Ouderen wonen steeds langer thuis en hebben meer complexe zorgvragen. Dat vraagt om gespecialiseerde zorg dichter bij huis. In Joure bundelen zorgverleners hun krachten in een nieuw anderhalvelijnscentrum. Zorgverleners kunnen hier makkelijker een beroep op elkaar doen en inwoners worden sneller geholpen. John van Arnhem, bestuurder bij zorggroep Hof en Hiem, vertelt hoe dit centrum met behulp van een flinke dosis intrinsieke motivatie tot stand kwam.

Toegangsbord De Werf

Toenemende behoefte aan seniorenwoningen en nabije zorg

Ouderenzorgorganisatie Hof en Hiem merkte dat Joure behoefte had aan een woonzorgcomplex voor senioren. John licht toe: “Aanvankelijk wilden wij een gebouw maken dat aansloot bij de lokale behoeften. Gelijkvloerse woningen met zorg dichtbij, voor senioren en dementerenden.” Daarnaast merkte de zorgorganisatie dat het ziekenhuislandschap verandert. “Ziekenhuizen zullen veel taken elders gaan uitvoeren. Dan ligt de kern in de vraag waar je de zorg het beste kunt bieden. Moet iedereen voor een bepaalde zorgvraag naar verder gelegen ziekenhuizen of kan het misschien dichterbij?” Uit gesprekken met specialisten van het naburige Tjongerschans ziekenhuis bleek dat patiënten niet altijd in het ziekenhuis hoeven te worden behandeld. Zo ontstond het idee om ook deze specialisten een plek te geven in het complex en kwam het anderhalvelijnscentrum tot stand.

“De kern ligt in de vraag waar je zorg het beste kunt bieden. Moet iedereen voor een bepaalde zorgvraag naar verder gelegen ziekenhuizen of kan het misschien dichterbij?”

Zoveel mogelijk zorg onder één dak

Begin 2018 is woon-zorgcentrum De Werf opgeleverd. Het huisvest eerstelijns professionals en diverse medisch specialisten. Zij stemmen de zorg onderling af en samen zorgen ze ervoor dat patiënten snel geholpen worden. De medisch specialist is aanwezig bij het consult van de huisarts, of bespreekt de casus in een multidisciplinair overleg. “Omdat de medisch specialist goed kan meekijken, zie je dat veel minder patiënten op voorhand naar het ziekenhuis moeten,” aldus John.

Daarnaast merkt John dat zorgverleners elkaar vaker opzoeken. Patiëntgegevens worden niet alleen op papier overgedragen. “Zorgverleners zoeken elkaar ook echt even op om het verhaal te vertellen en aan te geven hoe men verschillende dingen interpreteert en duidt.” Dit warme contact zorgt er bovendien voor dat zij gezamenlijk optrekken op het gebied van preventie. Pijnspecialisten, huisartsen en fysiotherapeuten werken bijvoorbeeld samen om lage rugklachten bij patiënten te voorkomen.

“In het wijkcentrum kunnen we een oogje in het zeil houden. Zo komen we bijvoorbeeld makkelijk met mensen in gesprek op het moment dat het thuis wat minder goed gaat.''

Sociale activiteiten bevorderen welbevinden

Naast het zorgcomplex bestaat De Werf uit een unit kleinschalig wonen voor 16 bewoners met dementie en een wijkcentrum, waar samen met vrijwilligers activiteiten worden georganiseerd. Hiermee richt De Werf zich op het totale welbevinden van inwoners. Een grote meerwaarde van dit wijkcentrum is de signalerende werking. “In het wijkcentrum kunnen we een oogje in het zeil houden. Zo komen we bijvoorbeeld makkelijk met mensen in gesprek op het moment dat het thuis wat minder goed gaat. Dan kunnen we kijken of we via thuiszorg of de Wmo een handje kunnen helpen.”

Intrinsieke motivatie als basis voor succes

Om een dergelijk centrum van de grond te krijgen, is het volgens John cruciaal dat er voldoende intrinsieke motivatie is om met elkaar aan de slag te gaan. “In zo’n traject gaan natuurlijk allerlei kleine dingetjes mis. Dan moet je terug kunnen vallen op een hoger gezamenlijk doel. Je moet het gevoel hebben: hier komen we uit, we gaan even kijken hoe we het gaan aanpakken, maar het gaat lukken.” Om deze intrinsieke motivatie aan te wakkeren, hielp het om continu de stand van zaken en mogelijke verbeteringen te analyseren. “Dan ontstaat vanzelf een gemeenschappelijk beeld. Ik noem dat intrinsieke motivatie, omdat dat meer is dan alleen een intentieverklaring op grond waarvan je zegt: hier moeten we mee aan de slag.”

Tip: investeer in onderlinge samenwerking

Ondanks de grondige voorbereiding, werd aanvankelijk nauwelijks stilgestaan bij de samenwerking binnen professies onderling. “We hadden natuurlijk wel bedacht dat huisartsen met de andere zorgverleners zouden gaan samenwerken. Maar dat zij ook nog een eigen integratietraject moesten doorlopen, daar waren we eigenlijk een beetje aan voorbij gegaan. Die huisartsen werkten voorheen zelfstandig en moesten leren om te werken met één systeem, één werkwijze, één organisatiemodel, dus daar zat wel wat gewenning in. Dat hadden we een beetje onderschat.” John’s advies is dan ook om vooraf voldoende tijd uit te trekken voor de onderlinge samenwerking. Pas daarna kun je goed samenwerken met een derde partij.

Contactgegevens

Waar: Joure

Betrokken organisaties:

  • Zorggroep Hof en Hiem
  • Tjongerschans ziekenhuis
  • Woon-zorgcentrum De Werf

Contactpersoon:  John van Arnhem, j.vanarnhem@hofenhiem.nl, 0513-433030

Meer informatie