Interview Carmen van Vilsteren, het nieuwe boegbeeld van Topsector LSH

Hoe kan topsectorenbeleid bijdragen aan de transformatie naar juiste zorg op de juiste plek?

Topsectoren zijn samenwerkingsgebieden tussen bedrijfsleven en kennisinstellingen op het gebied van onderzoek, ontwikkeling en innovatie. Eén van de topsectoren is Life Sciences & Health (LSH). Onder de uniforme branding Health~Holland stimuleert Topsector Life Sciences & Health innovatie in deze sector. Het team JZOJP en Topsector LSH met haar GROZ-initiatief zijn aan het verkennen hoe gezamenlijk regionale coalities gericht gesteund kunnen worden.

Lees hieronder het interview met Carmen van Vilsteren, het nieuwe boegbeeld van Topsector LSH!

Carmen van Vilsteren

Je bent het nieuwe boegbeeld van de Topsector LSH. Wat houdt dat precies in en waarom ben je voor deze belangrijke functie gevraagd?

Als boegbeeld van Topsector Life Sciences & Health (LSH) ben je niet alleen het gezicht en vertegenwoordiger van de topsector, maar ook de voorzitter van het Topteam. Dit team bestaat uit ondernemers en bestuurders die een representatie zijn van kennisinstellingen, industrie en overheid. Dit noemen wij de triple helix. Het Topteam, waarin (dus) ook vertegenwoordigers van het ministerie van Economische Zaken & Klimaat (EZK) en het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) zitten, bepaalt de richting van de topsector. Sinds 1 april volg ik Hans Schikan op. Deze mooie rol vervul ik mede dankzij mijn huidige functie als directeur van het Strategic Area Health van de Technische Universiteit Eindhoven (TU/e) en mijn kennis opgedaan in het bedrijfsleven bij o.a. Philips en als CEO van MicroSure. Daarnaast heb ik een uitgebreid netwerk en bekleed ik diverse bestuurlijke functies op nationale en regionale schaal (Brainport). Hierdoor ben ik in staat regio’s aan elkaar te verbinden en van elkaar te laten leren. Als voorzitter van het bestuur van EIT Health Benelux, doe ik dit ook op Europese schaal. 

Het topsectorenbeleid van EZK is een nieuwe richting op gegaan. Er wordt meer focus gelegd op de economische kansen van maatschappelijke uitdagingen. Met (recent geformuleerde) missies op het gebied van gezondheid en zorg. Wat betekent dat voor Topsector LSH? Waar ligt jullie grootste uitdaging?

Ik zie het formuleren van de nieuwe missies voor de maatschappelijke doelen als een aanscherping van de bestaande richting van de topsector. We hadden immers al als overkoepelend motto: ‘vitaal functionerende burgers in een gezonde economie’. De nieuwe missies geven daar nog meer richting aan. Dat betekent dat we nog meer dan hiervoor publieke-private samenwerkingen vormen die aan de grote uitdagingen in gezondheid en zorg werken. Binnen deze publiek-private samenwerkingen zullen burgers en zorgaanbieders een prominente rol krijgen. De triple helix (overheid, bedrijfsleven en kennisinstellingen) wordt uitgebreid naar een quadrupel helix (overheid, bedrijfsleven, kennisinstellingen én burgers). Dit is voor ons als Topsector LSH dan ook gelijk één van de grootste uitdagingen.  

Een van de missies richt zich op de juiste zorg op de juiste plek (JZOJP), met name zorg meer thuis of dichtbij bieden. Hoe zou de topsector regionale coalities daarbij ondersteunen?

In het afgelopen jaar zijn wij vanuit topsector LSH gestart met GROZ, gericht op de transformatie van zorg. GROZ is de omkering van het woord ZORG, waarbij de G van gezondheid vooraan geplaatst wordt in plaats van de Z van Zorg. In het GROZ-initiatief starten wij bij de burgers. Bestaande burgerinitiatieven en -coöperaties worden omarmd en gesteund. Wij brengen hen in verbinding om hun proces verder te verbreden met (lokale) bedrijven, overheidsinstellingen en zorginstellingen. Dit is een van de concrete invullingen hoe wij de juiste zorg op de juiste plek kunnen helpen realiseren.

Topsector LSH is ook met het GROZ-initiatief al actief in verschillende regio’s.
Hoe zie je de verbinding tussen JZOJP, GROZ en Topsector LSH in de regio idealiter voor je?

Juiste Zorg op de Juiste Plek en GROZ sluiten inhoudelijk behoorlijk op elkaar aan en kunnen elkaar versterken. Bijvoorbeeld in de regionale coalities die reeds investeren in de transformatie van de gezondheidszorg en/of de mini-maatschappijen die GROZ bevordert. In de beoogde mini-maatschappijen van GROZ wordt door lokale partners gewerkt aan de transformatie van de gezondheidszorg. Gericht op de organisatie van preventie, zorg en ondersteuning. De ambitie is dat dit zo groot wordt dat er een omvang ontstaat die de transformatie niet langer meer in de weg staat. Deze mini-maatschappijen omschrijven we als GROZzerdammen. Bij deze GROZzerdammen  gaat het bijvoorbeeld om enkele kansrijke coalities die via de voucherregeling van JZOJP subsidie aanvragen. Initiatieven met GROZ-potentie worden verder ondersteund vanuit de Topsector LSH met expertise, kennis en netwerk.

Technologie en interventies hebben nu vaak een kosten opdrijvend effect, onder meer omdat de bestaande werkwijzen niet worden afgeschaft. De-implementeren van bestaande technologieën en transformeren van organisatie van zorg is ook een speerpunt van beleid voor VWS. Welke rol ziet LSH hiervoor zichzelf?

Ik ben het niet geheel eens met de stelling: er zijn ook vele innovaties die juist een kostenbesparend effect hebben, bijvoorbeeld vroege diagnoses en behandeling van kanker of meegroeiende hartkleppen waardoor her-operaties niet nodig zijn. Daarnaast moeten nieuwe innovaties niet enkel en alleen worden geïntroduceerd met een kleine pilot of trial, maar ook grootschalig worden geadopteerd. Hierbij is het soms noodzakelijk dat ook huidige manieren van werken en bepaalde technologieën worden aangepast, afgeschaft of afgeleerd. Dit gedachtegoed zal dan ook een prominente rol krijgen in de strategie van de topsector, maar dat kunnen we niet alleen, omdat dit vaak te maken met het aanpassen van beleid en strategie van bijvoorbeeld een zorginstelling. Afstemming tussen de partijen in de quadrupel helix is hierbij van groot belang. Daarnaast brengt de topsector al jaren bestaande innovaties binnen hetzelfde gebied met elkaar in contact, om dubbelingen te voorkomen.